ONWETENDHEID

Kijken in een zwart gat

<br />
<b>Notice</b>:  Undefined variable: column in <b>/home/zelfkennis/public_html/wp-content/themes/roosvonk/page-templates/sub_image.php</b> on line <b>6</b><br />

Roos Vonk*

Je kent vast ook het probleem van de verdwenen sok. Die ene sok die wél uit de was komt, herinnert je eraan dat die andere zoek is. Persoonlijk denk ik dat dit slechts het topje van de ijsberg is. We raken veel meer kledingstukken kwijt (hóe, dat weet ik ook niet!), alleen weten we dat niet. Omdat er geen andere sok is die ons eraan herinnert. We weten niet wat we allemaal missen.

Dit is een veel algemener probleem: je weet niet wat je niet weet. En dat is, volgens mijn Amerikaanse collega David Dunning, een belangrijke reden waarom mensen vaak zichzelf overschatten. We kennen ze allemaal: mensen die totaal geen talent hebben voor hun taken, maar tot wie dat ontluisterende feit niet door wil dringen. Mensen die overduidelijk hun werk niet goed aan kunnen, maar die in een functioneringsgesprek stomverbaasd zijn en juist vinden dat het uitstekend gaat.

Afgezien van de welbekende ijdelheid – wie geeft er nu graag toe dat 'ie iets niet kan – is daar een perfect logische verklaring voor. Bij veel taken is het zo dat de talenten die je nodig hebt om de taak goed uit te voeren, dezelfde talenten zijn die je nodig hebt om te beoordelen of je er iets van terecht brengt. Neem bijvoorbeeld het houden van een coherent, helder, overtuigend betoog. Om dat te doen heb je verschillende kwaliteiten nodig, zoals taalvaardigheid, het vermogen tot helder nadenken, hoofdzaken van bijzaken scheiden, een logische ordening aanbrengen in de onderdelen, en je verplaatsen in de toehoorder. Die kwaliteiten heb je niet alleen nodig om een goed betoog te houden, maar ook om te beoordelen of een betoog helder, coherent en overtuigend is. Mis je dit vermogen, dan hou je dus niet alleen een belabberd betoog, maar je hebt dat ook nog eens zelf helemaal niet in de gaten.

Dit geldt niet voor prestaties waarbij de resultaten heel duidelijk en concreet zijn, bijvoorbeeld in de sport. Iedereen kan zien of je een horde weet te nemen en of je harder loopt dan een ander. Zelfs als je niet goed loopt of springt, ben je nog niet gelijk blind en zie je dat dus zelf ook. Maar in veel andere domeinen zijn de resultaten juist pas goed te beoordelen door de ware kenner. Dat geldt zeker voor de meeste taken waar managers mee te maken hebben, en waarvan ze dus ook allemaal vinden dat ze er goed in zijn, zoals inspireren, coachen, vanuit een visie werken, iedereen in zijn waarde laten, talenten aanboren, teamspirit creëren. Als je daar allemaal niets van begrijpt, zou je best eens kunnen denken dat je er goed in bent!

Psychologen spreken in dit verband van de 'onbekende onbekenden'. Iemand kan denken dat ie ergens veel van weet, maar hij weet niet welke informatie hij mist. Je kunt dit zelf testen. Probeer eens om alle mogelijke huishoudelijke toepassingen van kruipolie (WD-40) op te schrijven. Neem rustig de tijd en lees dan verder.

Stel dat je, na lang denken, 10 tot 15 toepassingen kunt bedenken, van piepende deuren tot fietskettingen. Is dat een goed resultaat? Je zou denken van wel, maar heb je enig idee wat je hebt gemist? Je kunt met kruipolie krijtvlekken van tegels halen en lippenstift van textiel. Je kunt er kleverige sappen van gereedschap mee verwijderen en vastgelopen grasmaaiers repareren. Je kunt er krassen in linoleum mee verbergen en je kunt er duiven mee van je oprit jagen. De onthutsende waarheid is dat er meer dan 2000 toepassingen zijn van kruipolie.

Kortom, er is veel dat je niet weet. En je weet niet dat je het niet weet. Nu geeft dat niks als het gaat om kruipolie, maar denk eens aan de briljante lettercombinaties die je mist bij Scrabble en Wordfeud (is al erger), de kansen die je laat liggen in je werk, de onomkeerbare fouten die je maakt in je relatie en bij de opvoeding van je kinderen. Je hebt geen idee welke problemen je allemaal níet opmerkt en welke oplossingen je over het hoofd ziet.

Onze onwetendheid over wat we niet weten is ernstiger naarmate we minder getalenteerd zijn. Om je eigen prestatie te kunnen beoordelen, heb je het talent dat je miste immers al nodig. Denk bijvoorbeeld aan zangers die niet weten dat ze vals zingen vanwege hun algehele gebrekkige muzikaliteit. Of aan docenten die hun warrige betoog volmaakt helder vinden, vanwege hun onvermogen zich te verplaatsen in het publiek. En denk aan de automobilist die vindt dat hij zo goed anticipeert en geen idee heeft wat hij allemaal níet ziet.

Onderzoek** laat zien dat mensen hun bekwaamheid op een bepaald terrein sterker overschatten naarmate ze minder bekwaam zijn op dat terrein. Inderdaad blijkt dat mensen zichzelf vooral overschatten als ze ergens slecht in zijn. Onderzoekers vroegen mensen hun eigen redeneervermogen, gevoel voor humor, of grammaticale vaardigheden te beoordelen, en namen vervolgens een test af om de werkelijke vaardigheid vast te stellen. Het bleek dat degenen die bij de slechtste 1/8 van de onderzoeksgroep hoorden op de test, zichzelf als bovengemiddeld beoordeelden. Hoe slechter men was, des te meer overschatte men zichzelf. Dit klopt met het idee dat je bij een slechte vaardigheid ook het vermogen mist om je eigen vaardigheid te beoordelen. Mensen die erg hoog scoorden, hadden juist de neiging zichzelf te ónderschatten: als je ergens veel kijk op hebt, heb je meer inzicht in je eigen tekortkomingen en ben je minder stellig, want je ziet alle voors en tegens en nuances. En als je een taak met gemak volbrengt, ben je geneigd te denken dat anderen dat ook kunnen. Onbekwame mensen daarentegen herkennen juist niet de kwaliteiten van anderen.

Dit onderzoek heeft verschillende implicaties. Ten eerste: je kunt domme mensen niks verwijten, want ze kunnen niet weten dat ze dom zijn.

Ten tweede: het is goed te beseffen dat vandaag de dag elke onwetende  zelfoverschatter van zich kan laten horen met ondoordachte slecht onderbouwde rabiate meningen, bijvoorbeeld op websites, blogs of twitter. Op internet heeft iedere mening evenveel gewicht, en de inzenders en reaguurders worden vokstrekt niet gehinderd door inzicht in hun eigen beperkingen.

Ten derde: het probleem is voor ons allemaal het grootst op terreinen waar we weinig ervaring hebben. Dat is schokkend, als je bedenkt dat bijna alle belangrijke beslissingen in ons leven gaan over iets waar we weinig ervaring mee hebben. Het kiezen van een partner, een baan, een huis, een hypotheek; kinderen opvoeden, een pensioen regelen: allemaal zaken die bepalend zijn voor ons leven, en waar we in feite als volkomen blinden om ons heen tasten, zonder enig besef van alles wat we niet zien.

En dat is dan weer het fijne: we hebben geen benul, waardoor we ons toch nog behoorlijk competent voelen. We zijn gezegend met onwetendheid.

 

* Dit is een gecombineerde versie van columns die eerder zijn verschenen in Intermediair en Psychologie Magazine, en in het boek Ego’s en andere ongemakken. ** Kruger & D. Dunning (1999). Unskilled and Unaware of It. Journal of Personality and Social Psychology 77 (6): 1121–1134. doi:10.1037/0022-3514.77.6.1121. http://en.wikipedia.org/wiki/Dunning–Kruger_effect