INTROSPECTIE

Kijken met oogkleppen

Roos Vonk*
 
Het gebeurt regelmatig dat we mensen betrappen op partijdigheid of andere vertekeningen in hun meningen en besluiten. Er wordt een baan of een commissariaat toebedeeld aan een oud studievriendje. De verantwoordelijkheid voor een mislukking wordt een ander in de schoenen geschoven. En mensen die zakken voor een test zeggen vaak dat de examinator slecht gemutst was of de test slecht.

We vinden dat allemaal subjectief en vooringenomen. De betrokkene zelf ziet dat heel anders. Hij zegt dat hij wel degelijk onpartijdig naar de zaak heeft gekeken. "Ja hallo, dat zou ik ook zeggen!" reageer je als buitenstaander. Dat klopt; dat zou
je ook zeggen. En dat zou je oprecht menen. Als anderen ons beschuldigen dat we alleen conclusies trekken die in onze kraam te pas komen, gaan we in alle eerlijkheid bij onszelf te rade. (Soms doen we dat trouwens niet; dan roepen we
meteen dat die ander ongelijk heeft. Maar dit verhaal gaat over die keren dat we serieus overwegen of de verdenking terecht is.) We laten onze eigen gedachtegang nog een keer de revu passeren en besluiten oprecht dat we fair zijn, dat onze conclusie is gebaseerd op beschikbare informatie en overtuigende argumenten. We kunnen onszelf geen moment betrappen op selectieve waarneming, herschrijving van de geschiedenis of andere kwalijke verdraaiingen.

Wanneer we iemand anders hiervan verdenken, kan die ander op precies dezelfde manier zijn eigen drijfveren onderzoeken. Hij zegt bijvoorbeeld in alle oprechtheid: "Inderdaad, de jury van Idols zei dat ik niet kon zingen, maar ze
hebben helemaal niet goed geluisterd. Iedereen die ik ken zegt dat ik het wel kan!" Of, in een geheel andere setting: "Klopt, ik heb die grote opdracht gegeven aan een bedrijf waar ik een belang in heb, maar zij waren echt de beste voor deze klus. Ik heb alle offertes serieus bekeken en de sterke en zwakke punten op een rij gezet." Zeggen we dan: OK, hij zal het zelf wel het beste weten? Welnee, we nemen aan dat hij geen goed inzicht heeft in zijn eigen drijfveren. Iedereen houdt zichzelf weleens voor de gek.

Bij conflicten kan dit sterk bijdragen aan escalatie. We zijn geneigd de ander te zien als vooringenomen en onszelf als objectief en redelijk. Dus alles wat die ander wil en wat afwijkt van wat wij willen, moet wel aan zijn beperkte en gekleurde blik liggen. We vinden onszelf onpartijdig en fair, maar een ander die dat eveneens van zichzelf vindt bekijken we met grote scepsis. Dat is terecht: mensen kennen hun eigen vertekeningen niet, doordat deze grotendeels op onbewust niveau optreden. Dat geldt voor anderen, maar ook voor ons. Maar terwijl we anderen beoordelen op hun gedrag ("Hij heeft de baan aan een vriend gegeven"), vertrouwen we bij onszelf ten onrechte op de overwegingen die aan ons gedrag voorafgingen en die we kunnen raadplegen via introspectie ("Ik heb meerdere kandidaten serieus overwogen").

Onderzoekster Emily Pronin noemt dit de introspectie-illusie: mensen nemen aan dat ze via introspectie toegang hebben tot hun motieven, terwijl die in feite grotendeels onbewust zijn. Via introspectie zul je jezelf dus niet kunnen betrappen op vertekeningen en wishful thinking. Waar een ander geen zicht heeft op hoe hij naar zichzelf toe redeneert, geldt dit evenzeer voor onszelf.

Van onszelf hebben we het idee dat we onafhankelijk en op basis van goede argumenten en relevante informatie tot onze oordelen komen. Het is goed te beseffen dat mensen met wie we het volledig oneens zijn evenzeer overtuigd zijn van hun eigen objectiviteit. En dat die overtuiging even futiel is als die van ons. Om tot werkelijke zelfkennis te komen heb je er meer aan je feitelijke gedrag te bekijken, vanuit het perspectief van een buitenstaander. Al je privé-theorietjes over het waarom van je gedrag kun je negeren of hooguit als een leuke hobby beschouwen.

 
 
* Deze column is verschenen in Intermediair en in het boek Ego’s en andere ongemakken.